ADEM 

Heeft u problemen met de adem zoals kortademigheid of duizeligheidsklachten dan kunnen wij u helpen de adem weer te regelen. Wij leren u bewust te worden van wat u doet met de adem. U leert een lage ontspannen ademhaling aan. 

STEM

Stemproblemen komen zowel bij kinderen als bij volwassenen voor. Vaak heeft u een verwijzing van de KNO-arts gekregen omdat u al geruime tijd last heeft van uw stem. Stemklachten kunnen ontstaat bij een verkeerd gebruik van de stem. Wij leren u om de stem goed te gebruiken waardoor de klachten verdwijnen.

Globusklachten

Globusklachten zijn klachten van de keel. De klachten bestaan uit een brok in de keel voelen, niet goed kunnen slikken, het gevoel of er iets zit. Wilma de Vries behandelt globusklachten met manuele facilitatie van het strottenhoofd, dit wordt ook wel larynxmanipulatie genoemd.

SPRAAK

Uitspraakproblemen komen voor bij kinderen en bij volwassenen na een NAH, niet aangeboren hersenletsel. De spraak is onverstaanbaar. Er worden verkeerde klanken gekozen of de klanken worden verkeerd gemaakt. Het spreektempo kan te hoog zijn waardoor de uitspraak mompelend en binnensmonds is. De spraak klinkt nasaal of slap. Afhankelijk van de aard van het uitspraakprobleem krijgt u oefeningen en adviezen om de verstaanbaarheid te vergroten. 

Afwijkende mondgewoonten

Onder afwijkende mondgewoonten vallen een open mondgedrag, slikken waarbij de tong naar voren komt en meestal slissen. Afwijkende mondgewoonten hebben een negatieve invloed op de gezondheid en/of het gebit. Bij open mondgedrag komen vaak oorproblemen voor omdat door het mondademen het middenoor niet wordt belucht . De neusademing zorgt voor beluchting van het middenoor via de buis van Eustachius. Tevens zorgt neusademing voor verwarming van de ingeademde lucht en reiniging door de neushaartjes. Heel vaak ligt bij het open mondgedrag de tong laag in de mond. De juiste tongpositie is tegen het gehemelte gezogen zodat de bovenkaak goed uitgroeit. Kinderen met open mondgedrag moeten vaak een beugel. Met een speciale training van de mondspieren , de OMFT oro-myofunctionele therapie, kunnen wij helpen de mondgewoonten te veranderen en mogelijk het dragen van een beugel voorkomen.

Slikstoornissen bij volwassenen

Na een NAH kunnen er problemen met het slikken ontstaan. U verslikt u vaker dan voorheen of het kauwen lukt niet meer waardoor u niet meer alles kunt eten en /of drinken wat u wilt. Vaak verslikken kan leiden tot longontstekingen. Wij bekijken het slikken en geven u adviezen. 

TAAL

Taalproblemen kunnen voorkomen in de vroege ontwikkeling bij kinderen of na een NAH bij volwassenen. De signalen bij jonge kinderen zijn bij één jaar nog geen woorden zeggen, bij twee jaar niet in twee-woordzinnetjes spreken. De taalontwikkeling kan stagneren of het kind begrijpt niet wat er tegen hem gezegd wordt. Bij oudere kinderen kunnen problemen op school een aanwijzing zijn voor taalproblemen. Het kind begrijpt de opdrachten niet of heeft problemen met lezen en spelling. Wij kunnen helpen en stellen na onderzoek vast of er sprake is van een taalontwikkelingsstoornis, ook wel TOS genoemd.

Auditieve verwerkingsproblemen

Auditieve verwerkingsproblemen zijn problemen in de auditieve functies; ‘wat doen we met wat we horen’. Bij een goed functionerend gehoor kan het dus zijn dat kinderen geluiden en taal niet optimaal waarnemen. Je herkent dit bijvoorbeeld als kinderen vaak ‘huh’ zeggen maar je weet dat het gehoor goed is. Kinderen kunnen mondelinge opdrachten en informatie minder goed onthouden dan geschreven informatie. Op school kunnen er problemen zijn in het “hakken” en “plakken” van klanken, nodig bij het leren lezen en schrijven.
Het werkgeheugen is een functie van de hersenen dat zich bezighoudt met het vasthouden en bewerken van de informatie. Dit is zowel de informatie die binnenkomt via de oren als ook de informatie die via de ogen binnenkomt.
Door auditieve verwerkingsproblemen kunnen er problemen in het werkgeheugen zijn. Deze twee functies zijn niet van elkaar los te koppelen.

Wij kunnen onderzoeken of er sprake is van een auditief verwerkingsprobleem door middel van de Dutch Feathor Squadron App. Zo kunnen wij vaststellen wat er in de verwerking van het geluid/ de taal niet goed gaat. In overleg kan er een intensieve training gestart worden die thuis uitgevoerd wordt.

Afasie

Afasie is een taalprobleem na een NAH. Er zijn veel verschillende gradaties van afasie. De klachten kunnen bestaan in het begrijpen van gesproken en/of geschreven taal en in het spreken. Er kunnen woordvindingsproblemen zijn of het spreken is slecht te volgen omdat er veel inhoudsloze woorden worden gezegd of verkeerde woorden worden gekozen. Inzicht in de soort afasie is belangrijk voor u en uw omgeving om misverstanden te voorkomen. 

GEHOOR

Heeft u problemen met het spraakverstaan vanwege slechthorendheid dan kunt u bij ons terecht voor een cursus spraakafzien, ook wel liplezen genaamd. 

OVERIG

GEHEUGEN en CONCENTRATIE

Voor het vasthouden van informatie is een goed werkend geheugen belangrijk. Kinderen kunnen een werkgeheugentraining bij ons aanvragen. Deze training voor het grootste deel thuis gedaan. 

Voor mensen met een aandoening aan het centraal zenuwstelsel, NAH ,MS, Parkinson, dementie, is er de mogelijkheid om in een groep een RGM training te volgen. De RGM, Ronnie Gardiner Methode, is een oefenmethode waarbij alle zintuigen worden aangesproken door middel van beweging, ritme, muziek, spraak, gezicht en gevoel. Na afloop voelen mensen zich prettiger en worden er meer initiatieven genomen.

PRE-VERBALE LOGOPEDIE 

Voor voedingsproblemen bij zuigelingen kunt u een afspraak maken met Wilma de Vries. Zij is pre-verbaal logopedist en komt bij u thuis als er problemen zijn bij het zuigen en slikken van uw baby. 

SENSORISCHE INFORMATIEVERWERKING, SI

Si problemen zijn problemen met de zintuiglijke prikkelverwerking. Signalen kunnen zijn een laat spreekbegin, en specifieke intonatie, een eigen woordgebruik of bijzondere woordkennis. Soms is de articulatie goed, maar wordt de verstaanbaarheid negatief beïnvloed door zacht of binnensmonds spreken. Kinderen lijken soms doof of zijn juist overgevoelig, zelfs bang, voor geluiden. Kinderen hebben vaak een “sterke eigen wil”. Of kinderen hebben sterke behoefte aan rituelen en vaste patronen in hun dagelijks leven. De algehele wijze van contact maken kan verwarrend, bijzonder en specifiek zijn. Ouders vragen zich vaak al vroeg af wat er anders is en wat ze onzeker maakt over de omgang met hun kind.
Het kind heeft moeite met het organiseren van bezigheden thuis, zoals zich aankleden, treuzelen met eten, zich aan afspraakjes houden. Maar ook op school komt het werk niet af, zit het kind voortdurend te wiebelen en te draaien. De leerkracht zegt dat de vaardigheden wel aanwezig zijn, als het kind maar beter zijn/haar best doet. Dat proberen ze ook wel, maar ze worden teveel afgeleid door prikkels vanuit de omgeving of vanuit hen zelf.
De over- of onderprikkeling heeft invloed op de aandacht en concentratie.